Waar sta ik en hoe kom ik hier? Ds. David Knibbe aan zet.
Waar sta ik, wie is die predikant die in de Immanuëlkerk voorgaat? Wat doet hij, hoe denkt hij, waar komt hij vandaan?
Waar ik sta? Nergens, ik zit ook nergens maar ik ben altijd onderweg. Als ik achter mijn tafel aan het werk ben, heb ik de neiging om alles gauw af te maken zodat ik op bezoek kan gaan. Als ik op bezoek ben, komen er vragen op mij af, die ik graag rustig wil overdenken of in boeken op wil zoeken. Wat hebben mensen vóór mij hierover geschreven? Al sta ik ergens, of al zit ik ergens, ik zal altijd weer verder moeten.
Dit geldt ook voor mijn standpunten en voor wat ik geloof.
Ik kan altijd van je leren en jij ziet iets, wat ik misschien altijd genegeerd heb. Al zijn er standpunten waar je mij niet van hebt kunnen afhelpen in de loop van de tijd, dan leer ik altijd weer van wat jij verdedigt en hoe jij dat verdedigt. Ik voer geen loopgravenoorlog door mijn standpunt koste wat het kost door te drukken, ik wil overleg en laat mij beïnvloeden. Ben ik dan niet rusteloos? Nee, zeker ben ik niet rusteloos. Je kunt ook steeds verdergaan met een rust in je hart. Mijn geloof in Jezus geeft die rust. Soms ben je de rust even kwijt, maar hij komt altijd weer terug. Waai ik niet met alle winden mee? Ik loop zoveel mogelijk met alle mensen mee die ik tegenkom, luisterend en behoedzaam, want een mens doorgrond je niet zo makkelijk. Ik waai niet met alle winden mee, want er is maar één wind die mij werkelijk vooruitbrengt. De adem van de Geest, de wind van God. Ik sta voor aandacht voor mensen om mij heen en ik weet dat Gods licht ons daarbij helpt.
Hiervoor heb ik gewerkt in vier plaatsen: Oud-Vossemeer en Anne Jacobapolder, Sint-Pancras en Sprang-Capelle. De eerste twee kerken waren een combinatie en heb ik samen gediend. Naar Delft ben ik gekomen omdat men een pastoraal ingestelde predikant vroeg. Dat vind ik nog steeds een brandpunt van mijn werk. Het voorgaan in diensten, het geven van catechisaties en het meedoen met gespreksgroepen vind ik de kern van mijn werk.
Mijn rust ervaar ik in mijn geloof, zei ik. Maar dat is niet alles. Aleid, mijn vrouw, en onze drie zoons houden mij net zo goed scherp, en wijzen me erop dat werken ook grenzen moet hebben en dat rust roest voorkomt. Strijdig is dit allerminst. |